Community: een betrokken leefgemeenschap

Mensen zijn in principe betrokken op elkaar. Ze zijn bedoeld om in relatie met elkaar te leven. Een mens kan slechts dan tot zijn recht komen, wanneer hij in gemeenschap leeft met de ander. Wij geloven in de relationele mensvisie, waarbij er een continu samenspel is tussen ik en de ander en de Ander met een hoofdletter. Dit is voor ons een scheppingsgegeven.

Het is dan ook niet toevallig dat Outback Explorers zich inzet voor teamontwikkeling. Wij hebben elkaar nodig, als team sta je sterker. Wij zien teams in bedrijven die hun marktpositie verbeteren. Scholen die gezamenlijk de regels aanleren bij de leerlingen. Behandelteams uit jeugdinstellingen die samen gaan voor gedragsverandering bij hun cliënten. Maar ook ouders die samen hun zoon opvoeden. Zonder werkelijke verbinding met elkaar red je het niet!

Daarbij wordt tegenwoordig de dagelijkse leefgemeenschap steeds belangrijker. Enerzijds omdat de woonsituaties steeds anoniemer worden, anderzijds omdat er steeds meer eenoudergezinnen zijn. Ook op woonwijkniveau moet er meer samenwerking en samenhang komen.

Tegenafhankelijkheid

Het samenspel tussen ik en de ander groeit nog al eens scheef. Dit scheefgroeien ontstaat als de balans tussen autonomie en afhankelijkheid uit evenwicht raakt. Zowel autonomie als afhankelijkheid kan te sterk op de voorgrond treden. Te veel autonomie kan er toe leiden dat er te weinig speelruimte voor de ander overblijft. Vaak gaat dit gepaard met macht. Zeker als er een gezagsrelatie tussen de twee betrokkenen bestaat kan gezag verschuiven in teveel macht en ligt machtsmisbruik op de loer. Er ontstaat dan te weinig groeiruimte voor de jongeren. Zij leren geen autonomie te ontwikkelen en schuiven heen en weer tussen een aangepast kind (dat maar doet wat er gezegd wordt, anders zwaait er wat) en een opstandig kind (dat een schijnvrijheid creëert waarbij het zich niet bewust is van de afhankelijkheid die er in het systeem zit, Stewart en Joines 2010). Als vader zegt:  “nu komen”, kiezen ze er voor om nu niet te komen maar als vader zegt: “ik wil je nu niet zien”, komen ze te voorschijn. Zij zijn dus tegenafhankelijk en doen het tegenovergestelde. 

Té autonoom of té afhankelijk

Wanneer kinderen en jongeren al te vroeg te veel autonomie krijgen ontstaan er ook problemen. Het kind leert geen rekening houden met de ander. Kan niet omgaan met grenzen. Bij agressieve jongeren is veel te vroeg autonoom zelfs gevaarlijk. Wanneer er te veel vrijheid is leert de jongeren al vroeg dat er geen grenzen zijn en het recht van de sterkste gaat een belangrijke rol spelen.

Afhankelijke kinderen hebben niet geleerd voor zich zelf op te komen. Ze kijken de ander altijd naar de ogen omdat ze vaak bang zijn de relatie te verliezen. Zij kunnen op langere termijn zichzelf minderwaardig vinden, maar zijn niet in staat om hun eigen situatie te sturen naar meer zelfstandigheid en autonomie. Vaak zijn ze ontevreden en voelen zich slachtoffer van de maatschappij (Stewart en Joines 2010).

Wij werken bij Outback Explorers het liefst in groepen (soms kan individueel behandelend helpend zijn). Daar leren de deelnemers om samen te werken en hun wederzijdse afhankelijkheid vorm te geven.